Een woonadres wordt in dit soort gesprekken vrijwel altijd genoemd als onderdeel van phishing: de aanvaller weet waar u woont, dus zijn bericht wordt geloofwaardiger. Dat klopt, en het is de minst belangrijke reden om er iets aan te doen.
Een woonadres is namelijk het enige gegeven in dit verhaal dat niet digitaal blijft.
Waarom dat onderscheid ertoe doet bij een besluit
Als u dit als phishingrisico opschrijft, komt het terecht bij de CISO en concurreert het met alle andere maatregelen op zijn lijst. Daar verliest het meestal, en terecht: er zijn goedkopere manieren om een frauduleuze betaling tegen te houden dan het opschonen van commerciële bestanden.
Als u het als fysiek risico opschrijft, is er geen alternatieve maatregel die hetzelfde doet. Een tweede-kanaalcontrole helpt niet tegen iemand die aanbelt.
Beide zijn waar. Maar wie alleen het eerste opschrijft, verkoopt het argument in de categorie waar het het zwakst staat.
Waar dit vandaan komt
Het onderscheid tussen de twee dreigingsmodellen is onze eigen ordening en geen bestaande indeling uit de literatuur. Dat het woonadres van een functionaris in het Handelsregister is afgeschermd en het bezoekadres niet, is beleid van de Kamer van Koophandel. Er staan hier bewust geen incidentcijfers: die circuleren volop en wij hebben er geen primaire bron voor. Stand van zaken op 16 augustus 2026.